De Skill Tree

Bij het voorbereiden van lessenseries denk ik veel na over de vraag hoe we meer rekening kunnen houden met de onderlinge verschillen tussen leerlingen en hoe we de motivatie van leerlingen positief kunnen beïnvloeden. Op basis van deze twee doelen ben ik begonnen met het experimenteren met een Skill Tree. Het idee is om leerlingen een instrument mee te geven, waarmee ze hun eigen leren kunnen meten en observeren.

Het doel van een skill tree

Leerlingen gaan aan de slag in de les met de stof. Om de zoveel tijd maken ze een toets die ik als hun docent nakijk en vervolgens gaan we naar het volgende hoofdstuk. Maar nu de vraag. Wat hebben leerlingen daadwerkelijk geleerd? Toen ik een deel van mijn brugklasleerlingen terugkreeg het tweede jaar bleek dat ze bedroevend weinig hadden onthouden. De leerling leert niet om te onthouden, maar om een voldoende te score op de toets. Daarna vergeten ze zonder veel omhaal al datgene wat we in de les hebben behandeld. Hoe gaan we dit verbeteren?

Het idee van een skill tree is dat de groei van kennis en vaardigheden gevisualiseerd worden. De leerling begint onderaan en bouwt vanuit daar verder om zijn skills te ontwikkelen. Op het moment dat een leerling vastloopt dan is het voor zowel de leerling als de docent duidelijk waar het probleem zit. Nu is het de taak van de docent om de leerling over de hobbel te helpen en ervoor te zorgen dat hij weer verder komt. De skill tree maakt het leerproces voor zowel de leerling als voor de docent dus zichtbaar.

Het probleem van de studiewijzer

Momenteel werken we op onze school met een studiewijzer voor ieder vak, die te vinden is in Magister. Wanneer ik kijk naar de meeste studiewijzers van collega’s, dan valt mij op hoeveel tekst er in staat. Een leerling is eerst een halfuur aan het lezen voordat hij weet wat hij moet doen. Vooral leerlingen die minder gestructureerd zijn of minder taalgevoelig hebben hier problemen mee.

Binnen een studiewijzer kunnen leerlingen vervolgens de opgaven en de stof vinden waar ze mee aan de slag moeten. Maar wat moeten ze er precies mee? Wat is het uiteindelijke doel? Natuurlijk heeft de docent hierover nagedacht. Maar hoe duidelijk communiceren onze doelen naar de leerlingen? Gevolg is dat veel leerlingen niet echt een idee hebben wat het doel is van huiswerk dat ze moeten maken.

Daarnaast behandelt een studiewijzer alle leerlingen als gelijken. Probleem alleen, is dat leerlingen niet gelijk zijn wanneer het aankomt op leren. Elke leerling bevindt zich op een ander punt in zijn ontwikkeling. De studiewijzer doet geen recht aan de verschillen tussen leerlingen.

Een laatste probleem is dat een studiewijzer niet altijd leidt tot gedrag dat we willen zien bij leerlingen. Veel leerlingen maken het huiswerk de avond van tevoren wanneer ze het op de Magister app zien bovendrijven. Niet alleen hun maakwerk, maar ook het leerwerk wordt vaak pas een dag van tevoren gemaakt. Een overzicht van het huiswerk via een studiewijzer houdt niet in dat leerlingen op een betere manier omgaan met het inplannen van hun huiswerk. Een studiewijzer werkt helaas eerder gemakzucht in de hand.

De skill tree als oplossing

Een studiewijzer is te rigide een structuur om daadwerkelijk het leerproces van leerlingen te ondersteunen. Naar aanleiding van een idee dat ik gezien heb tijdens een presentatie van Bart Giethoorn, ben ik gaan kijken naar het idee van een skill tree. Een term uit de game industrie. Binnen deze structuur staan doelen centraal die duidelijk maken waar een leerling aan moet werken. Deze structuur geeft een helder en logisch geordend overzicht van de vaardigheden waar een leerling zich in heeft of nog in moet bekwamen.

Doel is het aanbrengen van een rode draad door het ordenen van de paragrafen uit het hoofdstuk in een logisch schema. Per paragraaf worden de leerdoelen benoemd, zodat leerlingen zelf een verhaal kunnen construeren en overzicht hebben van wat er van hen verwacht wordt. Door het gebruik van eenvoudige pictogrammen of badges is het in één oogopslag duidelijk wat er van de leerling wordt verwacht. Hierdoor is minder tekst nodig, wat de leesbaarheid van de skill tree vergroot. Het idee is dat de manier waarop de informatie wordt gepresenteerd de belangrijke verbanden visualiseert.

Dit komt er dus op neer dat ik van alle paragrafen aan het kijken ben wat leerlingen moeten kennen. De volgende vraag die dan om de hoek komt, is of dit overeenkomt is met de landelijk kerndoelen die zijn gesteld voor het vak geschiedenis.

Wat hierdoor opvalt is dat veel stof in het boek geheel niet overeenkomt met deze kerndoelen. Veel docenten kiezen er toch voor om letterlijk het gehele boek te doorlopen met de leerlingen. Differentiatie binnen geschiedenismethodes wordt vooral aangebracht door leerlingen meer stof voor te schotelen. Binnen Feniks wordt bijvoorbeeld ingegaan op de Minoïsche en Etruskische beschaving in het boek voor de eerstejaarsleerlingen. Maar gevolg is dat dit de leerlingen alleen maar meer in verwarring brengt. De stof wordt hierdoor onoverzichtelijker. Wat moeten ze nu wel leren en wat niet? Een beter idee is om te kijken naar het democratische gehalte van het republikeinse systeem in het Romeinse Rijk, en dit te vergelijken met de keizertijd of nog beter met de Griekse stadstaten.

Het maken van een skill tree zorgt ervoor dat je je eigen onderwijs weer serieus onder de loep gaat nemen. Als docent moet ik opnieuw stilstaan bij de keuzes die ik maak en ben ik mij meer bewust van de lange termijndoelen voor mijn vak. Door meer uit te gaan van de kerndoelen en deze te verdelen over verschillende competenties wil ik leerlingen bewuster maken van de manier waarop kennis word opgebouwd. Ze gaan zelf aan de slag met de verschillende competenties en krijgen daardoor inzicht in de manier waarop ze groeien.